Milieukundig bodemonderzoek
Bodemonderzoek is er in vele soorten en maten. Meestal vindt een bodemonderzoek plaats als voortvloeisel uit wet- en regelgeving. Vaak ook is er een privaatrechtelijke aanleiding om bodemonderzoek uit te voeren, veelal bij het aangaan van koop- of huurovereenkomsten.
De aanleiding tot een bodemonderzoek bepaalt in grote lijnen welk type onderzoek er wordt uitgevoerd. Daar waar in geval van wettelijke verplichtingen het onderzoek volgens voorgeschreven normen of protocollen wordt uitgevoerd, kan in geval van privaatrechtelijke aanleidingen zelf bepaald worden welke onderzoeksopzet en -inspanning gehanteerd wordt.
Doorgaans wordt voor het eerste onderzoek op een locatie de norm NEN 5740 gehanteerd (onderzoeksstrategie voor verkennend bodemonderzoek). Afhankelijk van de resultaten van dit onderzoek kan uitvoering van een nader onderzoek nodig zijn. In de volksmond wordt het rapport van een verkennend bodemonderzoek vaak aangehaald met de term 'schonegrondverklaring'.
Over het algemeen bestaat een (verkennend) bodemonderzoek uit 4 stappen:
1. vooronderzoek (NEN 5725) gevolgd door het bepalen van de onderzoeksopzet; 2. monsterneming grond en grondwater; 3. laboratoriumonderzoek; 4. toetsing, interpretatie en rapportage van de resultaten.
In geval van een nader bodemonderzoek dienen vaak meerdere keren monsters te worden genomen en geanalyseerd en wordt pas nadat de verontreinigingen volledig in beeld zijn gebracht, een onderzoeksrapport uitgebracht.
EnviroPlan heeft een zeer uitgebreide expertise op het vlak van milieukundig bodemonderzoek. Of het nu gaat om een standaard onderzoek van een onverdacht terrein of een uitgebreid nader bodemonderzoek van het terrein van een industrieel bedrijf met niet-alledaagse verontreinigingen. EnviroPlan zorgt onder alle omstandigheden voor een bodemonderzoek specifiek afgestemd op het doel van het onderzoek in een goede prijs/kwaliteit verhouding.
Voor nadere informatie over het bij verschillende aanleidingen uit te voeren onderzoek leest u hieronder verder. Wilt u nader geadviseerd worden over het in uw specifieke situatie uit te voeren onderzoek, neemt u dan contact met ons op.
|
Wanneer welk bodemonderzoek?
De opzet van een bodemonderzoek wordt mede bepaald door de aanleiding en het doel van het onderzoek. Onderstaand hebben wij voor verschillende situaties aangegeven welk onderzoek wenselijk of noodzakelijk is.
Woningwet (bouwvergunning) Bij de aanvraag van een bouwvergunning dient u in veel gevallen een rapport van een recent uitgevoerd verkennend bodemonderzoek bij te voegen. De gemeente zal in het kader van de Woningwet toetsen of er na de bouw geen risico's ontstaan voor de gebruikers van het object door eventueel aanwezige verontreiniging. Het onderzoek dient te worden uitgevoerd volgens NEN 5740, voorafgegaan door een vooronderzoek volgens NVN 5725.
Als een te onderzoeken locatie op basis van het vooronderzoek verdacht blijkt te zijn voor wat betreft asbest, dient het verkennend bodemonderzoek volgens NEN 5740 te worden uitgebreid met een verkennend onderzoek asbest volgens NEN 5707.
Aankoop en verkoop van onroerend goed Voorafgaand aan een grond- of een onroerend-goedtransactie is het van belang om te weten of en in welke mate de bodem verontreinigd is. Als koper wilt u weten wat u koopt; wordt de waarde van de grond niet in negatieve zin beinvloed door een eventuele verontreiniging. Als in de toekomst blijkt dat er gesaneerd moet worden of als er bij de herinrichting verontreinigde grond moet worden afgevoerd, zijn hiermee immers extra kosten gemoeid. Als verkoper wilt u voorkomen dat u achteraf nog te maken krijgt met claims omdat het terrein verontreinigd blijkt te zijn. Door uitvoering van een bodemonderzoek is vooraf duidelijk of er sprake is van verontreiniging en kunnen zonodig nadere afspraken worden gemaakt.
Huur en verhuur van onroerend goed Als u als nieuwe huurder op een locatie komt of u verhuurt uw locatie aan een bedrijf, dan kan het van belang zijn om de bodemkwaliteit vast te leggen. Door een bodemonderzoek uit te laten voeren wordt duidelijkheid verkregen over de aansprakelijkheid voor een aanwezige verontreiniging doordat de beginsituatie vastligt. Bij beëindiging van de huurperiode kan vervolgens de eindsituatie worden bepaald.
Bestemmingswijziging Voor het wijzingen van de bestemming van een locatie via een bestemmingsplanprocedure (bijvoorbeeld van bedrijven naar wonen) is het verplicht dat een bodemonderzoek wordt uitgevoerd om na te gaan of de kwaliteit van de bodem geschikt is voor de nieuwe bestemming. Meestal wordt hiervoor een verkennend bodemonderzoek volgens NEN 5740 uitgevoerd, ook al omdat dit onderzoek in een later stadium kan worden gebruikt bij eventuele aanvragen voor een bouwvergunning.
Besluit opslag in ondergrondse tanks (BOOT) Bij het beëindigen van de ondergrondse opslag van brandstoffen en dergelijke in tanks dient door middel van een bodemonderzoek te worden vastgesteld of de bodem als gevolg van de opslagactiviteiten niet verontreinigd is geraakt. Ook kan het nodig zijn om periodiek tijdens het gebruik van een ondergrondse brandstoftank een bodemonderzoek uit te laten voeren. Het grondwater in de nabijheid van ondergrondse tanks dient in principe jaarlijks te worden onderzocht.
Nulsituatieonderzoek Krachtens de Wet milieubeheer of het Besluit Opslaan Ondergrondse Tanks (BOOT) kan het bevoegd gezag een zogenaamd nulsituatieonderzoek voorschrijven. Dit onderzoek is van belang om het referentieniveau vast te stellen op die plaatsen waar mogelijk bodemverontreiniging kan ontstaan als gevolg van de (vergunningplichtige) activiteiten. Daarbij hoeft het in principe geen bezwaar te zijn dat de bodem bij afgifte van de vergunning enige verontreiniging bevat. Door middel van een toekomstig herhalingsonderzoek op diezelfde locaties wordt vastgesteld of de ondernomen activiteit (of het gebruik van tanks voor opslag van brandstoffen/chemicaliën) nieuwe bodemverontreiniging heeft veroorzaakt. Als dit het geval is moeten saneringsmaatregelen worden getroffen. Het onderzoek is zeker ook in belang van de vergunningplichtige om te vermijden dat een saneringsplicht wordt opgelegd voor reeds bij aanvang aanwezige verontreiniging.
Besluit verplicht Bodemonderzoek bedrijfsterreinen Het Besluit verplicht bodemonderzoek bedrijfsterreinen is opgesteld om de uitvoering van de vrijwillige aanpak van bodemverontreiniging van bedrijfsterreinen, zoals die wordt vormgegeven in het kader van de zogenaamde BSB-operatie (BodemSanering op in gebruik zijnde Bedrijfsterreinen) te ondersteunen. Bedrijven die niet vrijwillig deelnemen aan deze operatie, worden in een volgende fase door de provincie verplicht tot het vaststellen van de bodemkwaliteit door middel van bodemonderzoek.
Het bodemonderzoek dat in het kader van dit Besluit plaatsvindt wordt aangeduid als inventariserend bodemonderzoek en wordt vaak in combinatie met het nulsituatieonderzoek uitgevoerd.
Wet bodembescherming (Wbb) In het kader van de Wbb kunt u verplicht worden om een (nader) bodemonderzoek uit te laten voeren. Veelal gebeurt dit als in een eerder bodemonderzoek verontreiniging is aangetroffen boven een bepaalde concentratie. In een nader onderzoek wordt de omvang van de verontreiniging vastgelegd. Daarnaast werkt de Wbb met omgekeerde bewijslast. Concreet betekent dit dat als het bevoegd gezag het vermoeden heeft dat op uw terrein een bodemverontreiniging aanwezig is, u het tegendeel dient te bewijzen door het (laten) uitvoeren van een bodemonderzoek.
Zorgplicht Voor nieuwe bodemverontreiniging (ontstaan ná 1 januari 1987) geldt dat altijd maatregelen moeten worden getroffen om de verontreiniging te verwijderen of zoveel mogelijk ongedaan te maken (artikel 13 Wbb). Indien er een calamiteit op uw locatie heeft plaatsgevonden waarbij mogelijk bodemverontreiniging is opgetreden dient u dan ook direct bodemonderzoek uit te voeren en de ontstane verontreiniging zo spoedig mogelijk te verwijderen. Binnen een inrichting is dit vastgelegd in de Wet milieubeheer. Buiten een inrichting is dit geregeld in de Wbb.
Risicobeheer Ook zonder directe aanleiding kan het voor u belangrijk zijn om inzicht te krijgen in de bodemkwaliteit. Mogelijk heeft u als eigenaar verkoopplannen of dient uw bedrijf of locatie als oudedagsvoorziening. In de situatie dat verkoop al aan de orde is, is er vaak geen weg meer terug. Vroegtijdig inzicht in de bodemkwaliteit biedt u de gelegenheid om uw strategie af te stemmen op eventueel aanwezige bodemverontreiniging.
Financiële bepalingen Bodemverontreiniging heeft gevolgen voor de waarde van een terrein. Voor een (milieu)verzekering of voor het afsluiten van een hypotheek kan het belangrijk zijn om door middel van bodemonderzoek de bodemkwaliteit te bepalen.
Aansprakelijkheid Indien u het vermoeden heeft dat uw terrein verontreinigd is geraakt door activiteiten op een naastgelegen perceel, kunt u zekerheid krijgen door een bodemonderzoek uit te laten voeren. Dit geldt ook als u als eigenaar denkt dat uw huurder uw locatie verontreinigd. Indien er verontreiniging wordt vastgesteld en de herkomst is duidelijk, kunt u de veroorzaker daarop aanspreken.
|